Locatie: Sponsoring » Antwerp Ironman 70.3 in 2007
Antwerp Ironman 70.3
Zweten in Antwerpen tijdens de Marc Herremans Classic / Ironman 70.3
Zondag 5 augustus 2007 is de dag waar ik naar toe heb getraind: de Marc Herremans Classic, oftewel de Antwerp Ironman 70.3: een halve triatlon. Zaterdag al was ik met mijn vriend Jan afgereisd naar Antwerpen en hebben we de tent opgeslagen op een camping in het verderop gelegen Sint-Job-in-‘t-Goor. Heerlijk geslapen onder een sterrenrijke, kraakheldere hemel, alleen daarvan gescheiden door het tentzeil. Het is zwoel zomerweer en al om zeven uur kan ik in korte broek en t-shirt mijn laatste check van de triatlonspullen doen.
Het is altijd een kwestie van goed organiseren dat de juiste spullen voor de verschillende onderdelen in de juiste wisselzones belanden. Vandaag is de start in het Galgenweel – een 50 ha grote plas ontstaan door een dijkbreuk - Schelde – op de linkeroever van de rivier de Schelde. De auto parkeren we bij het parc fermé van de fiets-loopwissel op de rechteroever, de finish is op de Grote Markt en shuttlebussen staan samen met je kledingtas op je te wachten op de Eiermarkt. Samen met Jan begeef ik me richting linkeroever. Geen bruggen in Antwepen vanwege de grote schepen die over de Schelde varen dus met veel atleten, fietsen en begeleiders in een enorme lift de diepte in om vervolgens door de lange Sint Annatunnel (Art Deco) de Scheldebodem te doorkruisen. Aan het andere eind wacht weer een lift of voor de stoere kerels de roltrappen. Een bijzonder gezicht.
Bij de start is het een drukte van belang. De zon brandt flink, het water lonkt. Even ben ik mijn startnummer kwijt. Waarschijnlijk verloren op weg naar de zwemstart. Als ik de wedstrijdleider op de hoogte breng, blijkt er een oplossing. Twee motorrijders gaan wel even zoeken. Het zal me benieuwen. Ik hoef niet lang te wachten, want 10 minuten later blijkt het nummer terecht. Terwijl het zweet me ook zonder iets te doen al uitbreekt, valt het aantrekken van het wetsuit niet mee. We zijn blij als we over een langgerekt tapijt naar de start lopen. Ook vijf handcycle-deelnemers zijn er klaar voor. Zij worden letterlijk te water gelaten. 25 Meter voor ons de profs, zodat ze niet in het strijdgewoel van de amateurs (agegroupers) terecht komen. We dalen af via een ijzeren trap. Om grip te bieden aan de wandelaars zitten er scherpe noppen in. Heerlijk gevoel aan de blote voeten. Voor ons het geelbruine water het Galgenweel. Het ruikt bijzonder, het smaakt bijzonder. Niet teveel over nadenken, drie slagen inzwemmen en terwijl de speaker aangeeft dat we over een minuut gaan starten, klinkt al het startschot en komt de meute in beweging. Veel tijd om na te denken hebben we niet. We zitten in de wastrommel en op het redelijk smalle parcours is het lastig om beuken van armen, benen of kaakstoten te vermijden. Gelukkig mogen we na een kilometer het ruimere sop kiezen en kunnen we tegen de wind en golven in aan het echte zwemmen toekomen. In het water het pak uit, hup de trap op, met gratis noppen-voetmassage en over de lange loper naar de fiets. Het echte werk gaat beginnen.
We moeten weer onder de Schelde door, maar Antwerpen is vandaag autovrij en dus mogen we over de autobaan door de Waaslandtunnel. Wow, het gaat hard, ruim 60 km per uur naar beneden en minder snel omhoog. Een handbike raast me voorbij. Ruim 20 km gaat het ons voor de wind. We bereiken al snel de immense haven van Antwerpen. Hier is het een komen en gaan van olietankers, ertsschepen, vrachtschepen en containercarriers. Ondertussen steken we de ene na de andere spoorweg over, of betreft gezegd, rammelen we over. Met 120 treinen per dag is het de grootste spoorwegvervoerhaven van Europa. Nog nooit heb ik zoveel containers bij elkaar gezien.
Naast transport-, overslag- en expeditiebedrijven zijn er ook nog elektriciteitsbedrijven, assemblagefabrieken voor auto ’s en tractoren, scheepswerven en diverse chemische fabrieken en raffinaderijen te zien. Dit is wat je vroeger in je aardrijkskundeboek op een plaatje zag. Ondertussen blijven de spoorrailsen zorgen voor voldoende afwisseling. Voor we het weten bereiken we bijna de Nederlandse grens en komen door het dorpje Berendrecht. Kleine arbeidershuisjes, veel kasseien en een klein centrum: hup over de kasseien. Ze doen niet flauw onze zuiderburen….de stoep is verboden terrein en één van de toppers kost een moment van ‘ongehoorzaamheid’ zijn podiumplek. Een gesoigneerde Spanjaard heeft moeite het stuur recht te houden, de handen te strak op de remgrepen en dus duidelijk geen mountainbiker. Even schiet ik hem als een duveltje uit een doosje voorbij……..niet veel later slachtoffert hij mij net zo gemakkelijk weer. Hij verontschuldigt zich met twee lekke banden voor zijn aanwezigheid in mijn contreien.
Na Berendrecht gaat het zuidwaarts, daar waar de wind vandaan komt. Het worden vijftien aftel-kilometers. Mijn tempo wordt bepaald door mijn hartslag en leidt tot een waar afzaktempo. Als ik 24 kilometer per uur rijd, besluit ik niet meer te kijken. Het keerpunt komt vanzelf en dus nog een keertje het henne en weerummeke Berendrecht en genieten van de zuiderwind. Normaal heb ik geen hekel aan de zeewind, vandaag mag het wat mij betreft best een saaie briesjesdag zijn. We zitten met zijn vieren in hetzelfde schuitje en hoewel er braaf niet gestayerd wordt, wisselen we toch wat van kop. In elk geval steeds een ander uitzicht. Antwerpen komt na een zwijgzaam half uurtje ploeteren eindelijk in zicht, we kunnen gaan lopen. Als we de Scheldekade opdraaien, wijst het kwik 33 graden Celsius aan. We gaan zien of we het hoofd koel kunnen houden. We passeren vlakbij het kasteel, het beeld van Lange Wapper. De man die garant stond voor duivelsstreken en hoewel hij zijn streken in vroeger tijden botvierde op zeelui, dronkaards, onschuldige kinderen en anderen lijken wij met deze temperaturen ook onder zijn juk terecht te zijn gekomen…… In elk geval kijkt hij flink op ons neer.
Even verderop blijken het een groep Afrikanen die verantwoordelijk zijn voor temperamentvol tromgeroffel. Een uitnodiging om de Grote Markt te betreden. Hier is het publiek in groten getale aanwezig. Hoog boven haar de Gotische ‘Onze Lieve Vrouwe Kathedraal’ en langs het plein de Gildehuizen, die in de 17de eeuw onderdak boden aan de gilden van kooplieden, handwerkslieden en burgers. Op het plein de fontein van Brabo, die we pas na de finish van dichtbij kunnen zien. Vier rondes lang zie ik uit naar de waterposten, die helaas slechts mondjesmaat beschikbaar zijn. Ik scoor er steeds een flesje, zodat de volgende ronde ook verantwoord te lopen is. Vandaag gaat het lopen zonder noemenswaardig verval en valt er nog her en der een ‘groet’ te uiten naar de drie mannen van mijn club die ook richting finish gaan. Mijn vaste supporter Jan, heeft tijdens het fietsen dat hij toch niet kon volgen, een museum en terrasje aangedaan en zich vervolgens bij de supporters van de anderen gevoegd. Ook voor hem gaan de uren snel. Nog één keer over de markt en dan is er de medaille uit handen van Marc Herremans, die iedere atleet persoonlijk onthaalt. Hij heeft door keihard werken weer bewerkstelligd dat hij kan staan en hij blijkt vandaag voor zowel de valide als de niet valide atleet een groot inspirator.